<< Terug naar overzicht

5 taalkundige redenen waarom Google Translate de Bijbel niet kan vertalen

Waarom gebruiken we niet gewoon Google Translate voor het vertalen van de Bijbel? Hier lees je vijf taalkundige redenen waarom menselijke vertalers nodig zijn voor duidelijke, nauwkeurige Bijbelvertalingen.

1. HOE COMPLEX IS EEN WOORD?

Wat is het langste woord dat je kunt bedenken? Misschien is het een wetenschappelijke term of de naam van een specifieke fobie. Hoe het ook zij, het langste woord dat je kunt bedenken, kan hier waarschijnlijk niet tegenop:

yanataycaćhayalpachiwshillacmanlätacchućh-cansi

Dat is een enkel grammaticaal woord in de Wanca Quechua-taal van Peru. Het bestaat uit 46 letters. Dit ene woord in Wanca Quechua vertaalt zich ruwweg in een volledige (hoewel niet grammaticaal correcte) zin: “Bovendien weet ik niet zeker of ik je zelfs kan helpen om het helemaal zwart te maken of niet, meneer.”

Het langste woord ter wereld is een woord van 189.819 letters. Google Translate kan de complexiteit van woorden niet volledig aan.

2. WACHT, DIT WOORD BESTAAT NIET!

Iets dat fascinerend is aan verschillende talen is dat ze niet altijd dezelfde woorden delen. Het voelt alsof we een woord hebben voor elke situatie en elk item in het Nederlands, maar dat is niet het geval. Zo is er in het Indonesisch een woord dat de actie beschrijft van iemand op de andere schouder tikken om hem in de verkeerde richting te laten kijken: Mencolek. In het Nederlands is daar geen woord voor.

Er zijn ook woorden die niet in andere talen voorkomen. De Chuka-sprekers in Kenia hebben geen woord voor ‘ambassadeur’ of ‘gezant’. Dit werd problematisch toen het Chuka- vertaalteam Efeze 6 vers 20 aan het vertalen was: ‘waarvan ik een gezant ben in ketenen, opdat ik daarin vrijmoedig mag spreken, zoals ik moet spreken’ (HSV).

Het team raadpleegde de leden van de gemeenschap over het woord en zij bepaalden dat de opties die het dichtst bij elkaar kwamen woorden waren voor ‘spion’, ‘woordvoerder’, ‘boodschapper’ en ‘vertegenwoordiger’. Het team besloot het zelfstandig naamwoord ‘ambassadeur’ te vervangen door ‘boodschapper’ en het woord te versterken met het werkwoord ‘vertegenwoordigen’.

3. OMDAT WE BEWERKEN

Bewerken houdt meestal in dat wordt gecontroleerd of de tekst grammaticaal correct is, de zinnen goed zijn gestructureerd en we controleren of alles logisch is.

Voor het vertaalteam van Mbe in Nigeria werd dit een probleem toen ze Lukas 2:7 aan het herzien waren, waar Jezus wordt beschreven als liggend in een kribbe. Het team had het woord ókpáng – een traditionele wieg die door de Mbe werd gebruikt – gebruikt voor de term ‘kribbe’. Het probleem is dat een ókpáng iets is dat elke Mbe-moeder wil dat haar pasgeboren baby wordt geplaatst, dus de betekenis ging verloren.

Een vertaler zei: ‘We voeren onze dieren uit een oude, versleten mand die niet meer bruikbaar is, behalve om de dieren te voeren. We noemen het ‘ɛ́dzábrí.’. Het team testte het door het verhaal van Jezus’ geboorte voor te lezen aan kerkgroepen en individuen in Mbe-dorpen. Terwijl de Mbe luisterde, waren ze zichtbaar ontroerd. Ze zagen de pasgeboren baby in de voedermand van de dieren liggen en begrepen dat Jezus bereid was alles te doen wat nodig was om hen te bereiken.

4. GRAVEN BUITEN HET WOORDENBOEK

Als je voor het eerst Nederlands leert en je leert de verleden tijd van woorden, dan leer je dat ‘lopen’ ‘liep’ wordt en zou je logischerwijs kunnen aannemen dat ‘kopen’ ‘kiep’ wordt. We weten allemaal dat dat niet zo is.  

De Hdi-vertalers in Kameroen leerden dat ze voor bijna elk werkwoord vormen konden vinden die eindigen op -i, -a en -u.

Maar als het op het woord ‘liefde’ aankwam, konden ze alleen vormen vinden die eindigen op -i en -a: dvi en dva. Dus waarom niet -u? De vertalers ontdekten dat in Hdi dat soort liefde – dvu – niet kon bestaan ​​omdat het betekende dat je van iemand zou houden, wat er ook gebeurt. Op dat moment realiseerden de vertalers zich dat God zo van mensen houdt. Met één simpele klinker veranderde alles. Eeuwenlang werd dat kleine woord, dvu, ongebruikt, maar nu was het beschikbaar, grammaticaal correct en heel begrijpelijk.

5. WERKWOORDEN DIE GEDETAILLEERD ZIJN

In een Nederlandse tekst kunnen we veel gebruik maken van synoniemen. In andere talen zijn er meer keuzes voor verschillende woorden – maar met zeer specifieke betekenissen.

Als je zoekt naar een ander woord in de zin: “Ik droeg de baby en liep door de kamer”, dan kan ik ‘dragen’ vervangen door ‘vasthouden’. Maar de Tzeltal-taal in Zuid-Mexico heeft 26 zeer specifieke werkwoorden voor ‘dragen’. ‘Lat’ betekent in een bord of container dragen, ‘katten’ betekent ‘stevig vastgrijpen tussen twee objecten’ en tuch betekent ‘in een verticale positie dragen’. En dat zijn slechts drie van de 26 opties!

Het is belangrijk dat deze werkwoorden correct worden gebruikt, anders kan de hele betekenis van de zin veranderen. Dat maakt Bijbelvertalen lastig, maar het voegt visuele details toe die we in het Nederlands (en die de vertaalmachine) kunnen missen.

>> Bijbelvertalers verbazen ons met hun vaardigheden en doorzettingsvermogen. Op een dag zal het laatste woord van het laatste stukje Schrift voor de laatste taal worden vertaald en iedereen zal het verhaal van Gods liefde kunnen begrijpen.

>> Dank God dat hij vertalers de unieke gaven en passies heeft gegeven die ze nodig hebben om deel te nemen aan dit belangrijke werk.

Reacties zijn gesloten.